Een kwestie van bestaan. Vlaanderen in de wereld.

Een kwestie van bestaan.Vlaanderen in de wereld.

Een kwestie van bestaan.Vlaanderen in de wereld.

Vlaanderen, cultuur en onafhankelijkheid gezien door de bril van Jean-Pierre Rondas wordt door Mark Van Mullem minstens even scherp én kritisch onder de loep genomen.

In oktober 2020 verscheen bij uitgeverij Doorbraak: Een kwestie van bestaan. Vlaanderen in de Wereld

In deze bundel verzamelde kritieken koketteert Jean-Pierre Rondas graag met Michel Houellebeccq en GK Chesterton, trekt stevig van leer tegen het postmodernisme, wat zowat een rode draad vormt doorheen het boek, fileert links alsook het ‘politiek correct denken’ en spaart zijn collega’s van de schrijvende pers allerminst. 

Maar Rondas breekt ook een lans voor de Nederlandse taal, waarbij tussentaal of ‘verkavelingsvlaams’ misschien toch ook een plaats heeft. Rondas staat uitgebreid stil bij het heengaan van Jaap Kruithof en diens visie op vervreemding, gedenkt Gaston Durmez en schrijft een mooie lofrede aan ‘pallieter’ Willy Kuijpers, toen nog bij leven. “Vlaanderen zou moeten zijn zoals Willy Kuijpers het heeft geleefd” schrijft Rondas.

Vlaanderen zou moeten zijn zoals Willy Kuijpers het heeft geleefd

Jean-Pierre Rondas

De auteur heeft, hoe kan het ook anders, ook wat te vertellen over de Vlaamse Beweging, over Vlaanderens bestaan.  

Rondas’ aangename heldere en vlotte schrijfstijl maakt dat je deze bundeling columns, polemieken en kritieken gulzig verslindt en je jezelf erop betrapt dat je het hele boekwerk al bijna uit hebt. Al wil je misschien af en toe even tijd nemen om een en ander te laten bezinken, of erover te reflecteren, en aftoetsen met je eigen standpunten. 

De auteur spaart de geit en de kool niet en komt soms bijzonder scherp en spitant uit de hoek, zelden zalvend, vaak raak zonder pardon noch taboes. Erudiet, niet geforceerd moeilijk. En het gaat vaak gepaard met (ver)fijn(d)e humor en met veel woordliefde.

Een kwestie van bestaan – Vlaanderen in de wereld‘ is opgedeeld in 8 grote thema’s of klusters zo je wil: Samenleven, PersdienstHet Linkse DebacleDe grote verhalen: vervreemding, postmodernisme, de koloniseringTalig deficitDaders, omstanders en de curve daartussenVlaams bewogen en Pallieters.

We geven een kleine bloemlezing, niet te gedetailleerd want het is natuurlijk wel de bedoeling dat je dit boek zelf ook leest.

There’s no such a thing as society

Margaret Thatcher

Een van de uitgangspunten in het kluster ‘Samenleven’ is Margaret Thatchers uitspraak “There’s no such thing as society”, iets waar de ‘Iron Lady’ later op terugkwam volgens Rondas. De auteur stelt zich de vraag of we samenleven, dan wel samen-leven: of integratie geen dogma is en we dus eigenlijk naast elkaar leven. “Ondertussen heeft de bange blanke man zijn deuren volledig moeten opengooien. De migratie van 1991 stelt niks voor in vergelijking met die van vandaag”, schrijft Rondas, alluderend op  het lied van Willem Vermandere uit 1991 (Bange Blanke Man). “De bange blanke man bestaat nog steeds al moet je hem nu witte man noemen”, waarmee de auteur een eerste keer uithaalt naar het post mordernisme, door hem als ‘pomo’ afgekort. 

In hetzelfde hoofdstuk bespreekt Rondas de Islamkritiek van Michel Houellebecq en Ayaan Hirsi Ali. Laatst genoemde hoopt de Islam te kunnen hervormen van binnenuit, waarbij de auteur stelt dat Ali eigenlijk zelf aantoont dat het eigenlijk niet kan. “Islam is eerder rechts, wordt door rechts verfoeid en door links vertroeteld” stelt Rondas. 

Een kwestie van bestaan.Vlaanderen in de wereld.
  • OnAf het ledenmagazine van de VVB

    ONAF Maart 2021 Voorpagina
    ONAF Maart 2021 Voorpagina
  • Categorieën

  • Nieuws berichten archief

  • Tags

  • Persdienst

    Polariserende koppensnellers, permanent loos alarm, schadelijke streamers en de ‘verweekbladisering’ en ‘vertwittering’ van de geschreven pers, dat zijn zowat Rondas’ kern-bezorgdheden die het luik Persdienst kenmerken. Daarin is Rondas allerminst mild voor zijn collega’s. Als rode draad doorheen het hoofdstuk past de auteur de roman van Umberto Eco ‘Nulnummer’, toe die handelt over de Italiaanse pers in 1992, op de pers in onze contreien anno nu. 

    Zo gaat het over het 24 uur-op-24 uur-nieuws waarbij het nieuws dat je in de krant leest al lang geen nieuws meer is. De zwaarbeladen term Lügenpresse wordt niet geschuwd en Rondas maakt zich behoorlijk druk over het taalmisbruik in krantenkoppen, “met polariserend taalgebruik, zeker in deze virustijden”. 

    Rondas gaat uitgebreid in op hoe kwalijk uit hun context gerukte citaten kunnen zijn, geplaatst als zogeheten ‘streamer’, die tot misinterpretaties en foute gevolgtrekkingen leiden en vervolgens een schadelijk eigen leven gaan leiden. Bart De Wever, Yves Leterme en Liesbeth Homans, zouden de bedenkelijke top 3 vormen van ‘slachtoffers’ in deze. Rondas maakt gewag van kwade wil en een 1-2tje tussen de pers en de links oppositie.

    Links debacle

    In Het linkse debacle fileert Rondas de linkerzijde, die hij al gauw vereenzelvigt met politieke correctheid en multiculturalisme. De schrijver refereert naar Milan Kundera en de door hem geroemde ‘De Grote Mars’; “het progressieve links waarvan we dachten te weten wat het was dat overhelde naar regressief links”. 

    Rondas zet ook en boompje op over hoe links Fidel Castro en diens Cuba bezwaarlijk nog links kan noemen. En wat heeft die fameuze G1000 van David Van Reybroeck dan eigenlijk opgeleverd, en wat horen we daar nog van? “Wat hadden die 704 aanwezigen te vertellen?”. 

    In het zelfde hoofdstuk trekt Rondas stevig van leer tegen Wij Zijn van het Klimaat, het boek van klimaatspijbelaars Anuna De Wever en Kyra Gantois, opgetekend door Jeroen Olyslaegers. Niet alleen ergert de auteur zich aan het “briefboekje van een tenenkrullend simplisme”, maar ook aan het “drammerige activisme en gemoraliseer…”. De auteur maakt zich vooral boos over het feit dat hen de Arkprijs werd toegekend: “een flater, een blunder, een miskleun, erger dan misdaad”.

    Houellebecq

    In het hoofdstuk De Grote Verhalen koketteert Rondas veelvuldig met Houellebecq en diens kaart van vervreemding. De schrijver heeft het over de schade van het postmodernisme voor het leven, meer nog hij maakt er brandhout van: “Alles is aangetast door het nihilistisch ongekroonde virus van het postmodernisme”. Zo dat weet u dan ook weer. 

    Een taalbad voor kinderen van arabische origine is een slecht idee. Dat stigmatiseert en benadrukt het anders zijn tegenover autochtone kinderen”; Rondas haalt de mening van heel wat levende Vlaamse pedagogen en didactici over de hekel.

    In het Talig Deficit neemt Jean-Pierre Rondas het dan ook op voor professor Herman Van Goethem die ferm bekritiseerd werd door diens diversiteitsplan, vooral omdat Van Goethem het aandurfde om taalachterstand te linken aan een sociale en anderstalige achtergrond. Het kan er bij de auteur ook niet in dat sommige socio-linguiisten bepleiten om nieuwkomers enkel net voldoende taalkennis bij te brengen die nodig blijkt voor een eventuele toekomstige job.  

    Rondas hekelt ook de taalpolitiek van de KU Leuven, waarbij nog liever het Engels gebezigd wordt dan het Frans omdat studenten dat misschien niet machtig zijn. “Om Frans uit het intellectuele leven te bannen heb je niet eens Flaminganten nodig” aldus de auteur.

    Vlaams bewogen

    In Vlaams Bewogen huldigt Jean-Pierre Rondas de regel van drie van Frans Baert die hij afzet tegen de ‘stootblokken’ van Franstalige en Belgische Belgicisten. Rondas heeft het dan over de Grendelwetten. Volgens de Baert-doctrine gaat de Vlaamse trein richting autonomie, en kan dat ook zelfbestuur, zelfbeschikking of onafhankelijkheid heten, maar zijn de tussenstations van groot belang. Maar de tussenstop moet de moeite zijn om er een politicum van te maken, gedane toegevingen moeten in verhouding staan met het belang van de stop. De derde en belangrijkste voorwaarde stipuleert dat deze aanzienlijke stap verdere stappen niet onmogelijk mag maken. 

    Heeft de Vlaamse Beweging een cultuurprobleem, of zit de cultuursector met een Vlaams-identitair complex? Rondas oppert dat het niet zozeer de Vlaamse Beweging is die zich van de kunstwereld heeft afgewend, maar eerder omgekeerd. Volgens Rondas zet de cultuurwereld zich al vanaf de jaren zeventig af tegen haar Vlaams-politieke ambiënte. “Voor vele kunstenaars bestaat er niets ergers dan ‘Vlaams’ genoemd te worden” stelt Rondas. “De culturele wereld beschouwt de Vlaamse Beweging als conservatief, neo-liberaal of extreem rechts. Men poogt België te herstichten, want associeert dat met links” aldus de auteur die ook poneert dat dit een verwerping is van de Vlaamse politieke ruimte.Het was ooit anders. Rondas herinnert zich hoe Hugo Claus het bestaan van de Vlaams ruimte niet ontkende en “minder dan goeds te melden had over de Belgische ruimte”.

    Mooie odes aan Felix Timmermans, diens biograaf Gaston Durmez, en de ons aller Willy Kuijpers besluiten het boek van Jean-Pierre Rondas. Eindigen in schoonheid noemt men dat.

    Een kwestie van bestaan. Vlaanderen in de wereld is uitgegeven bij Doorbraak, ISBN 978-94-92639-48-6 – www.doorbraakboeken.be

    Mark Van Mullem

    Deel dit bericht op uw sociale mediakanalen of verzend de link met een E-post bericht.

    Share on facebook
    Facebook
    Share on twitter
    Twitter
    Share on linkedin
    LinkedIn
    Share on pinterest
    Pinterest
    Share on telegram
    Telegram
    Share on whatsapp
    WhatsApp
    Share on email
    E-Post

    De Vlaamse Volksbeweging een duwtje in de rug geven? Uw steun zorgt ervoor dat de Vlaamse Volksbeweging haar werk kan blijven uitvoeren. Bovendien krijg je jaarlijks vanaf een bedrag van €40 een fiscaal attest.