Hernieuwde interesse in Frans Masereel

In een Vlaanderen waar het Vlaamse identiteitsbesef aan terrein wint, zou het voor tal van socioculturele verenigingen interessant kunnen zijn aansluiting te zoeken met hun eigen (Vlaamsvoelende) verleden.

Een artistiek maatschappijcriticus

Het Museum voor Schone Kunsten in Gent pakt dit jaar uit met een grote tentoonstelling over het werk van de vijftig jaar geleden overleden houtsnijkunstenaar Frans Masereel (°1889 – †1972). Naar aanleiding van deze expositie verscheen op de webstek van het tijdschrift de lage landen een aankondigend artikel, waarin Masereel als een artistiek criticus wordt beschreven met betrekking tot de gebreken van de maatschappij waarin hij leefde. Zo hekelde hij “racisme, seksisme, de vervreemding en het harde leven in een drukke stad, zelfs milieuvervuiling. In zijn houtsneden overheerst het zwart, wat wijst op een donkere wereld en een donker wereldbeeld, maar toch gloort er veel menselijkheid en soms licht optimisme in door”, aldus de auteur over een aantal ‘nog steeds actuele’ samenlevingsproblemen.

Om de bovenstaande beschrijving te vervolledigen, handelt de Vlaamse Volksbeweging in deze tekst graag over Masereels schijnbaar vergeten Vlaamsgezindheid. Volgens het artikel was de man immers ook een ‘strijder voor rechtvaardigheid’, waaronder we zijn ijver voor de verheffing van de Vlamingen kunnen categoriseren. Zo is het relevant te weten dat Masereel in het interbellum bijdragen over grafische kunst schreef voor Opkomst, het geïllustreerd maandblad van het Algemeen Vlaamsch Studentenverbond (AVS). De Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging leert ons dat het blad een Vlaams bewustzijn [trachtte] te ontwikkelen bij haar leden en wenste een spreekbuis te zijn voor “al wat jong en Vlaams is, het bewijs van een voorgoed overwonnen onverschilligheid, van een toegenomen rasbewustzijn”. Ook toonde Masereel zich geïnteresseerd in de figuur van de legendarische Vlaamse held en vrijheidsstrijder Tijl Uilenspiegel, die voor de Vlaamse beweging een symbool is van de strijd tegen onderdrukking en vreemde overheersing. Hij verzorgde niet minder dan 150 houtsneden om Charles De Costers verhaal te illustreren.

Hernieuwde interesse in Frans Masereel

Vlaamse emancipatiedrang in de BKP

Rekening houdend met de hierboven aangehaalde feiten en beweringen is het weinig verrassend dat een in 1971 binnen de communistische partij van België (BKP) opgericht cultuurfonds naar Masereel werd vernoemd. Een van de stichtingsredenen was de emancipatiedrang onder de Vlaamse communisten binnen hun eigen op Wallonië gerichte partij. Medeoprichter Ludo Abicht verklaarde in een interview dat werd opgenomen in de vorig jaar uitgegeven publicatie L’Idée nog het volgende over deze koppeling van een Vlaamse en een sociale strijd:

“We beschouwden ons als een daensistisch element binnen de Vlaamse beweging. Door de forse opkomst van het Vlaams Blok begin jaren negentig is dat helaas helemaal in de marge verdwenen, en voor sommige mensen moeilijk te begrijpen. Maar wij wilden dat Vlaamse niet overlaten aan extreemrechts, we wilden de traditie voortzetten van het Vlaamsgezinde communisme, zoals dat in de jaren twintig was ontstaan met Jef Van Extergem en Paul Van Ostaijen.”

Ludo Abicht
  • ONAF het ledenmagazine van de VVB

  • Categorieën

  • De cartoons van Van Mol. Bekijk ze hier

  • Nieuws berichten archief

  • Hernieuwde interesse in Frans Masereel
    L'Idée - Verbeeld de toekomst (2021)

    Dit ‘sociaal flamingantisme’ moest instaan voor de culturele en intellectuele vorming van de arbeidersklasse, zodat deze de dragende kracht kon zijn in sociale organisaties. Daarnaast stelde het Masereelfonds in 1980 dat de Vlaamse strijd een specifieke vorm van klassenstrijd was. Als onderdeel van deze strijd ijverde het fonds voor een pluralistisch en democratisch Vlaanderen met aandacht voor de volksidentiteit en Vlaamse culturele autonomie. Hiervoor dienden eerst de financiële en economische bevoegdheden aan Vlaanderen gegeven te worden. Voorzitter Antoon Roosens stelde in die periode dat de arbeidersbeweging moest beseffen dat haar doelstellingen niet via de toenmalige unitaire Belgische structuur te vervullen waren, maar wel door middel van Vlaams zelfbestuur. De arbeidersbeweging en de Vlaamse beweging hadden dus een gemeenschappelijk doel en daarbij meteen ook een reden om nauw samen te werken.

    Een uitgestoken hand

    Tal van socioculturele verenigingen verkeren vandaag in moeilijkheden, omdat ze weinig nieuwe personen met hun immer hollere boodschap kunnen aantrekken en overtuigen. In een Vlaanderen waar het Vlaamse identiteitsbesef aan terrein wint, zou het voor hen interessant kunnen zijn aansluiting te zoeken met hun eigen (Vlaamsvoelende) verleden. Ze kunnen daarbij rekenen op een uitgestoken hand vanwege de hedendaagse, pluralistische Vlaamse beweging. Wij begrijpen immers dat zowel wijzelf als de sociale beweging in brede zin belang hebben bij een gedeelde strijd tegen een onderdrukkend establishment, dat de culturele eigenheid van de Europese volken probeert te doen verworden tot een ‘geamerikaniseerde’ eenheidsworst. Dit, terwijl vanuit bedrijfszetels van over de hele wereld de arbeidsvoorwaarden voor de mensen onderaan de ladder in hun bedrijf stelselmatig worden uitgehold en multinationals hun reusachtige winsten naar belastingparadijzen versluizen.